Steunende en structurerende therapie
Steunende en structurerende gesprekken hebben primair een begeleidend karakter. De gesprekken zijn gericht op structurering en leefstijladviezen. In de begeleidende gesprekken wordt gebruik gemaakt van psychotherapeutische deeltechnieken uit de cognitieve (gedrags)therapie, de interpersoonlijke therapie en de directieve therapie.
Het doel van steunend-structurerende begeleiding is een betere hantering (coping) van de klachten door de patiënt. Eventueel kunnen de begeleidende gesprekken worden ingezet om de patiënt te motiveren tot psychotherapie of een andere behandelvorm. In combinatie met farmacotherapie dient steunend-structurerende begeleiding ter bevordering van de therapietrouw en om de behandeling goed te kunnen volgen en bijsturen.
Patiënten die (nog) onvoldoende kunnen profiteren van een psychotherapeutische behandeling, bijvoorbeeld door gebrek aan motivatie, inzicht, affiniteit met behandeling of een onvoldoende stabiele omgeving. De therapie kan toegepast worden, al dan niet in combinatie met medicamenteuze behandeling, in medicamenteuze onderhoudsbehandeling of als nazorg voor patiënten met een groot risico op nieuwe depressieve episodes.
In steunend-structurerende begeleiding staat het aanbrengen van structuur en regelmaat op de voorgrond. Leefstijladviezen over het belang van dagstructuur, een goede slaapgewoonte, voldoende lichaamsbeweging, vermijden van overmatig alcoholgebruiken voldoende sociale contacten kunnen het herstel ondersteunen. De inhoud van de begeleiding kan bestaan uit:
- Het evalueren van de klachten, het beloop en het suïciderisico eventueel met behulp van zelfregistratie van depressieve klachten.
- Bij combinatie met farmacotherapie: motiveren tot therapietrouw.
- Bespreken van emoties die met depressie kunnen samenhangen, zoals teleurstelling, verdriet, krenking of woede. Bij verhoogd suïciderisico wordt overwogen in overleg met de patiënt sleutelfiguren in te lichten voor extra steun.
- Instructies voor hoe met klachten om te gaan, bijvoorbeeld concentratie op de gevolgen in plaats van de oorzaken, bijhouden van een dagboek.
- Bespreken van het functioneren thuis, op het werk of in de opleiding.
- Samen opstellen van korte termijn doelen, met inachtneming van de haalbaarheid en samen nagaan of de patiënt deze doelen heeft kunnen verwezenlijken.
- Complimenteren voor successen en stellen van nieuwe doelen.
- Aanspreken op wat de patiënt nog wel kan met als doel dit te behouden en te versterken.
- Stimuleren tot het verbeteren van de dagbesteding en sociale contacten.
- Time-management advies (‘eerst de boodschappen en dan pas verder tobben’).
- Een programma om gestructureerd weer bepaalde activiteiten te ondernemen, bijvoorbeeld met behulp van het registreren van depressieve klachten, activiteiten en een dagschema.
- Nader exploreren van de achtergrond van de klachten om meer zicht en controle op de toestand te geven.
- Steunen in het verwerken van ingrijpende gebeurtenissen in het verleden.
Indien verbetering in het dagelijks functioneren binnen 6 weken optreedt wordt de behandeling voortgezet. Bij uitblijven van verbetering worden de steunend/structurerende gesprekken gecombineerd met een standaardbehandeling met medicatie of overgegaan tot praktische hulp of psychotherapie (eventueel na consultatie).



